Het trainen van werkhonden en correcties

Het opvoeden en trainen van werkhonden is in principe vergelijkbaar met die van een normale gezinshond. De leerprincipes zijn namelijk voor alle honden hetzelfde en kunnen ook gebruikt worden tijdens de training van een hond met veel drift. Bij honden met veel drift denk ik niet alleen aan politiehonden, maar ook aan honden die gebruikt worden in het leger, bij beveiligingsbedrijven, bewaking, jachthonden maar ook aan allerlei sporthonden zoals bijvoorbeeld IPO honden. Drift houdt in dat honden met veel gedrevenheid hun werk doen, gepassioneerd zijn, erg veel motivatie hebben en als het ware een beetje "gek" zijn. Deze driften hebben deze honden nodig, anders zouden ze hun werk vaak onder zware omstandigheden, niet kunnen uitvoeren. Politiehonden moeten naast deze driften ook nog eens beschikken over een flinke dosis moed. Kortom het zijn karaktervolle honden die daarin dus in belangrijke mate verschillen met een doorsnee gezinshond.

In dit schrijven wil ik in gaan op deze verschillen, maar ook een volledig en genuanceerd beeld geven omtrent de dressuurband, de slipketting en de prikband. Dit zijn hulpmiddelen die vaak tijdens de training van werkhonden worden gebruikt. Dit schrijven is overigens niet bedoeld om eventuele misstanden tijdens het trainen van honden te ontkennen. Ondanks een positieve kentering in de afgelopen jaren is er nog veel winst te behalen in het meer positief en diervriendelijk trainen van werkhonden in Nederland.
Toen ik in 1977 begon met het opvoeden en trainen van honden, werd vooral de methode "straffen en belonen" toegepast. Het verkeerde gedrag werd gestraft en het goede gedrag beloond. Door veranderende inzichten in de loop der jaren wordt momenteel steeds meer en meer de uitsluitend positieve methode "negeren en belonen" toegepast. Hierbij wordt al het ongewenste gedrag genegeerd en het goede gedrag beloond. De hond leert hierbij op een positieve manier vooral van zijn eigen gedrag. Op zich is dit een goede ontwikkeling omdat er veel minder sprake is van stress tijdens het leerproces van de hond. Dit omdat er dus niet gestraft wordt tijdens het aanleren van oefeningen. Vaak wordt hierbij getraind met voertjes en steeds meer mensen gebruiken een clicker. Dit is een klein apparaatje waarmee heel precies gedrag gemarkeerd kan worden waarna er beloond wordt. Door het vorenstaande toe te passen is het mogelijk om een hond veel aan te leren. Dit alles dus op basis van motivatie van de hond. Het is in principe mogelijk om middels deze methode een hond te vormen en te leren luisteren, maar hierbij spelen een aantal zaken een belangrijke rol. Onder andere hoe goed iemand in staat is om een hond op deze manier te voeden en te trainen, het soort en karakter van de hond en de omstandigheden waarin een hond verkeert of kan terechtkomen. Is er sprake van een "gecontroleerde" situatie, zoals bijvoorbeeld bij een gezinshond tijdens het uitlaten of van een werkhond die tijdens een inzet onverwacht geconfronteerd kan worden met verleidingen. In dit laatste geval is het belangrijk dat een hond aan het werk blijft ondanks deze afleiding. Het is juist onwenselijk dat de hond direct naar zijn baas gaat om beloond te worden, anders dan bij een gezinshond die we kunnen leren zich te richten op zijn baas in dat soort situaties. Een werkhond zal dan ook geleerd moeten worden dat hij zich niet mag richten op verleidingen.

Tijdens een seminar in Canada werd ik geconfronteerd met politiehonden die in de praktijk allerlei ongewenst gedrag vertoonden. Het beleid van de instructeur was dat bij de opvoeding en training van een hond ongewenst gedrag zoveel mogelijk voorkomen en genegeerd diende te worden. In de praktijk bleken hierdoor alle honden indien ze daar de mogelijkheid toe kregen juist dat ongewenste gedrag te gaan vertonen. Iets wat uiteraard absoluut onwenselijk is als het gaat om honden die werken in allerlei verschillende situaties.

Als men uitsluitend de methode "negeren en belonen" toepast dan zal men bij het luisteren van een hond altijd afhankelijk blijven van de motivatie van de hond. Eenieder die om zich heen kijkt op straat kan dat zien. Honden die hebben geleerd met een voertje om netjes te gaan zitten voor dat ze de straat mogen oversteken, lijken alles plotseling vergeten te zijn als ze de hond van de buren tegenkomen of als ze de geur van een teef ruiken. Op momenten dat er niet wordt geoefend en/ of er geen voermotivatie is, zien we in het algemeen veelal honden die niet of nauwelijks luisteren naar hun baas. Op zich is dit voor de doorsnee hondenliefhebber geen probleem ondermeer omdat de honden meestal aangelijnd zijn en doorgaans minder pittig van karakter zijn dan bijvoorbeeld een politiehond. "Niet luisteren" is uiteraard wel een probleem voor werkhonden. Dit omdat deze honden uiteindelijk onder alle omstandigheden commando's van de baas zullen moeten uitvoeren. Zeker als het gaat om politiehonden. Vandaar dat het van groot belang is dat deze honden, nadat de betekenis van commando's op een positieve manier zijn aangeleerd, ook geleerd wordt dat hij zal moeten luisteren naar zijn baas. Dus ook op het moment dat de hond geen motivatie heeft om te luisteren, bijvoorbeeld bij een politiehond tijdens het doen van pakwerk. Geen enkele goede politiehond wil namelijk uit zichzelf de pakwerker loslaten omdat het bijten op zich al de ultieme beloning is voor deze honden.

Desondanks is het dus wel belangrijk om bij het aanleren van oefeningen bij werkhonden dit ook op dezelfde positieve manier te doen. Het aanleren van oefeningen door gebruik te maken van correcties is iets wat ten alle tijde voorkomen dient te worden; negatief leren levert namelijk al snel stress op met alle nadelige gevolgen van dien. Helaas vindt dit "negatief" leren nog vaak plaats tijdens het opvoeden en trainen van honden. Bij mijn werkhonden maak ik bij het aanleren vooral gebruik van het positief bekrachtigen van het gewenst gedrag, een erg belangrijk leerprincipe. Hierdoor worden namelijk de snelste en beste resultaten verkregen en is er geen sprake van ongewenste stress bij de hond. Hooguit is er sprake van wat positieve stress bij de hond in zijn zoektocht naar wat voor hem zijn beloning oplevert, maar dit soort stress is geen enkel probleem. Of ik nu een KNPV hond of mijn Pomeriaanse Dwergkees train, in beide gevallen gebruik ik voer om op een positieve manier zonder stress en met veel herhalingen de betreffende hond van alles aan te leren.

Ondanks een positief opgebouwde training is het echter onmogelijk om werkhonden met veel drift op te leiden zonder een vorm van correctie. Als er echter gecorrigeerd moet worden, dan dient dit altijd met beleid plaats te vinden. Bovendien zal een hond altijd moet begrijpen waarom hij gecorrigeerd wordt. Een belangrijk en wezenlijk verschil tussen een doorsnee gezinshond en bijvoorbeeld een politiehond is namelijk dat de laatste hond uiteindelijk vooral werkt op basis van zijn driften, zoals buitdrift en bijtdrift. Vooral bij het doen van bijt- en pakwerk komen hoge driften bij een hond naar boven die onder andere voortvloeien uit een jarenlang fokbeleid van met name de KNPV. Deze burgervereniging houdt zich vooral bezig met het trainen van politiehonden die na het behalen van een certificaat vaak verkocht worden aan de politie en staat wereldwijd bekend als de leverancier van de beste en sterkste honden die er zijn. Indien deze honden hoog in hun driften komen tijdens een bijttraining of in de praktijk, zijn deze honden niet meer over te halen om te luisteren in ruil voor een voertje. Deze driften ontstaan dus enerzijds door een gericht fokbeleid, maar worden ook nog eens bewust opgebouwd tijdens trainingen waarbij de hond van jongs af aan helemaal gefocust wordt op het pakwerk. Deze driften hebben deze honden nodig om uiteindelijk hun werk als politiehond goed te kunnen doen als ze onder zware, gewelddadige en vaak zeer bedreigende situaties ingezet worden in het belang van de samenleving. Dag en nacht staan politiehonden in Nederland klaar om samen met hun baasjes ingezet te kunnen worden ten behoeve van openbare orde problemen zoals bijvoorbeeld het in toom houden van hooligans, het opzoeken van inbrekers en nog veel meer van dit soort activiteiten.

Het aspect, dat een politiehond die aan het werk is en hoog in zijn driften zit niet meer luistert in ruil voor een voertje, is doorgaans geheel onbekend bij mensen die zich niet bezighouden met werkhonden De uitzending van het tv-programma Rambam in januari 2018 is hiervan een goed voorbeeld. Naast het terecht laten zien van een aantal misstanden in de hondensport werd vooral het beeld geschetst dat politiehonden eveneens uitsluitend op basis van beloning getraind kunnen worden zonder gebruik te maken van correcties. Ook werd uitgelegd dat het corrigeren van een hond uit den boze was omdat dit agressie kan veroorzaken bij een hond. Tijdens deze uitzending kwam eveneens het omstreden gebruik van de hulpmiddelen ter sprake, waarbij echter een onvolledig en ongenuanceerd beeld werd gegeven van het trainen van politiehonden. Deze uitzending was voor mij een van de redenen tot het produceren van dit schrijven over de training van werkhonden

Vooropgesteld dient echter te worden dat indien er bij mensen sprake is van emoties omtrent het gebruik van slipkettingen, prikbanden en dressuurbanden tijdens het trainen van honden, dit absoluut een zwaarwegend aspect is met betrekking tot deze problematiek. Een hond zomaar "onder stroom" zetten of prikbanden gebruiken is iets wat eenieder zonder voldoende kennis van zaken normaalgesproken onacceptabel vindt. Of men nu van honden houdt of niet. Daarintegen zal een overheid zich vooral niet moeten laten leiden door emoties, maar op basis van een goed inzicht in deze materie keuzes moeten en kunnen maken hoe en onder welke voorwaarden hulpmiddelen eventueel wel of niet te gebruiken bij de africhting van politiehonden. Hierbij dient een afweging te worden gemaakt tot welke gevolgen bepaalde keuzes leiden. Zou het bijvoorbeeld verboden worden om tijdens het opleiden van politiehonden deze zo nodig te corrigeren, dan zou dit in feite betekenen dat het gebruik van deze honden tijdens allerlei politie inzetten ten behoeve van de maatschappij in de toekomst niet meer mogelijk is. Daarom is het ook belangrijk om duidelijke informatie geven over bijvoorbeeld de dressuurband, een hulpmiddel dat bij correct gebruik zelfs veel meer diervriendelijk is dan andere methodes om te corrigeren.

De stelling dat een hond agressief kan worden als hij doormiddel van correcties getraind wordt, is in die zin correct dat indien een hond niet snapt wat de bedoeling is, deze inderdaad agressie kan gaan vertonen. De hond snapt nog niet wat de bedoeling is en zal zich oneerlijk behandeld voelen. Het is dan ook van belang om, als het nodig is, pas dan te gaan corrigeren, als de hond goed snapt wat zijn baas van hem verlangt. Het is dus altijd zaak om een hond eerst op een positieve manier bepaalde commando's aan te leren.
Met betrekking tot corrigeren durf ik de stelling aan dat het soms noodzakelijk en beter is om een hond te corrigeren indien deze niet luistert en/of ongewenste gedrag uitvoert. Uiteraard is het verstandig om te proberen in eerste instantie problemen op een positieve wijze op te lossen. Dit wordt door de gemiddelde hondengedragstherapeut dan ook altijd geadviseerd. Als een probleem op een positieve wijze structureel goed wordt geregeld dan is er in principe niets aan de hand. De praktijk is echter dat bij honden met veel drift het onmogelijk is om deze goed te leren luisteren uitsluitend met voertjes. Indien mensen vervolgens niet in staat zijn om deze honden te corrigeren en ook niet onder controle kunnen houden, is er al snel sprake van een ongewenste en soms gevaarlijke situatie. In de loop der jaren heb ik talloze mensen begeleid met pittige honden die uitsluitend positief waren getraind, meestal met voertjes. Het probleem was altijd hetzelfde en ik gaf deze mensen doorgaans de optie de hond met beleid te gaan corrigeren of om maatregelen te nemen om problemen te voorkomen.

Pups uit werklijnen met veel pit die aangemeld worden op een doorsnee puppy cursus waar uitsluitend positief getraind wordt, worden vaak gezien als onbehandelbaar en krijgen vaak het advies om elders te gaan trainen. Moderne gedragstherapeuten hebben het vaak over "de rode zone" waarmee wordt aangegeven dat een hond gevaarlijk en onhandelbaar is. Ze adviseren dan regelmatig om de hond in te laten slapen als het niet lukt om op een uitsluitend positieve wijze gedrag bij de hond te veranderen. Liever nog dan ook maar te denken aan het corrigeren van een hond.

Dressuurbanden:
Het gebruik van de dressuurband bij de training van een hond is voor velen een gevoelig onderwerp en leidt vaak tot discussie. In mijn boek "Van pup tot werk- sport of politiehond" dat ik jaren geleden schreef, gaf ik al aan dat het gebruik van deze banden absoluut af te raden is in ondeskundige handen. Waarschijnlijk zal binnenkort het gebruik van de dressuurband helemaal verboden worden en alleen nog gebruikt mogen worden in situaties waarbij het gaat om het veranderen van gedrag ter voorkoming van gevaar, veiligheid en overlast voor mens en dier. Daarnaast zal de gebruiker aantoonbaar over voldoende deskundigheid moeten beschikken. Ondanks het negatieve beeld wat veel mensen hebben over dit hulpmiddel, heeft het correct gebruik van de dressuurband wel degelijk grote voordelen in bepaalde situaties. Het gedoseerd en correct toedienen van een stroomprikkel is vaak humaner voor een hond omdat hierdoor andere lichamelijk correcties achterwege kunnen blijven. Ik denk hierbij vooral aan het pakwerk waarbij dus hoge driften loskomen wat er dikwijls toe leidt dat sommige honden stevig gecorrigeerd moeten worden om ervoor te zorgen dat ze luisteren. Consequent en correct gebruik van elektronisch hulpmiddelen voorkomt deze correcties waarbij hij vooral leert van zijn eigen gedrag. Maar ook voor praktijk honden die vaak in het bos zoeken naar voorwerpen of personen en bijvoorbeeld op wild stuiten, is de dressuurband een goed middel om problemen te voorkomen. Uiteraard in dit geval ook wanneer de training op een goede, eerlijke wijze is opgebouwd. Zelfs voor gezinshonden kan een dressuurband het welzijn van het dier positief beïnvloeden. Onze Dwergkees bleef kippenpoep eten wanneer hij losliep in de tuin en wij niet in de buurt waren. Ongewenst gedrag en bovendien erg ongezond voor een hond. De hond kon dus niet meer alleen in de tuin blijven zonder toezicht. Na een goed opgebouwde training lukte het met behulp van de dressuurband om dit ongewenste gedrag af te leren. Door een pieptoon te laten horen gevolgd door een lichte prikkeling, leerde de hond al snel van zijn eigen gedrag en was het probleem binnen korte tijd opgelost. Dankzij de dressuurband kon de hond weer vrij en los rondlopen in de tuin. Zo zijn er talloze voorbeelden te geven waarbij het gebruik van de dressuurband het welzijn van honden uiteindelijk positief beïnvloed heeft.

Altijd is het uiteraard van groot belang dat de dressuurband op een correcte wijze wordt gebruikt. Bovendien dient voor het gebruik ervan altijd op deskundige wijze de gevoeligheid van de individuele hond te worden vastgesteld. Daarnaast is het cruciaal belang dat de dressuurband nooit gebruikt wordt tijdens het aanleren van oefeningen of indien de hond nog niet weet dat bepaald gedrag ongewenst is. Van tevoren zal een hond dit aangeleerd moeten worden dan wel duidelijk moeten worden gemaakt. Pas daarna kan er zo nodig een dressuurband gebruikt worden om of de hond te laten luisteren als hij een bekend commando negeert of om ongewenst gedrag te doen stoppen. Bij voorkeur dient dan ook nog eerst de pieptoon of de vibratie van de dressuurband geactiveerd te worden, als waarschuwing voor de hond. Al snel is dit dan al vaak voldoende om het gewenste doel te bereiken.

Het bovenstaande houdt niet in dat er geen misstanden zijn met betrekking tot het gebruik van de dressuurband. Helaas is daar nog steeds sprake van, maar hopelijk zorgt een nieuwe wetgeving ervoor dat deze misstanden in de toekomst tot het verleden gaan behoren.

Prikbanden en slipketting
De prikband zal binnenkort geheel worden verboden zonder dat hierop uitzonderingen worden gemaakt. Gevoelsmatig is dit te begrijpen omdat een prikband op zich al snel de associatie met zich mee kan brengen van het trainen op een verkeerde manier. Dit neemt niet weg dat ook het gebruik van de prikband wel genuanceerd dient te worden. Ook bij dit hulpmiddel geldt namelijk dat indien deze op een normale en correcte wijze wordt gebruikt, er zeker geen sprake is van het mishandelen van een hond. Dit anders dan sommige mensen willen doen geloven. Het zorgt er echter wel voor dat honden met veel pit niet in de lijn gaan en blijven hangen door het onplezierig gevoel wat veroorzaakt wordt door de band, hetgeen de hond zelf kan voorkomen.

Maar zelfs de slipketting wordt door sommigen al gezien als een omstreden middel omdat ook hiermee een hond mishandeld zou kunnen worden. Ook hier is zeker geen sprake van, indien deze op een correcte wijze wordt gebruikt. Bij al mijn honden gebruik ik normaal gesproken op een bepaalde leeftijd een slipketting, nadat ik ze eerst met voer correct naast mij lopen heb aangeleerd. Door het gebruik van de slipketting kan vervolgens op eenvoudige wijze bereikt worden dat de hond netjes mee loopt met zijn baas. Ook in het geval van de slipketting dient deze zeker niet te worden gebruikt om oefeningen aan te leren.

Ik hoop u een beter en meer genuanceerd beeld te hebben gegeven over de verschillen tussen een gezinshonden en werkhonden, de verschillende hulpmiddelen en het corrigeren van een hond. Uiteraard zijn er misstanden tijdens het trainen van werkhonden, hetgeen echter op allerlei manieren kan plaatsvinden. Het op een correcte wijze gebruiken van hulpmiddelen kan er zelfs toe leiden dat honden met veel drift met veel minder correcties dan vroeger hoeven te worden afgericht. Feit blijft dat het onmogelijk is om honden met veel drift geheel zonder correcties af te richten. Daarnaast valt er echter bij de training van werkhonden, waarbij de honden hoog in driften komen, nog veel winst te behalen door positief te trainen op basis van de leerprincipes en veranderende inzichten.